Cabopino voorjaar 2018

Posted on 9 mei 2018

5


We gaan naar de Costa del Sol! Niet direct de eerste Spaanse kust waar je aan denkt als je in Spanje wil vissen. Maar het geval wil dat Spaanse vrienden -José en Cathy- in Cabopino, tussen Marbella en Malaga, een vakantiehuis hebben. Tijdens een etentje vorig jaar bij ons thuis, bleek dat José het zeevissen aan het ontdekken is. Als klap op de vuurpijl heeft hij ook een eigen boot in het haventje op loopafstand van het huis liggen, en een grote tonijn vangen is zijn uiteindelijke doel. Reeds in de winter verruilen we Koningsdag en de eerste meidagen voor het vooruitzicht een paar dagen op de Middellandse zee op zoek te gaan naar ’groot wild’. 

Het lukt me om m’n rugzak op 19,2 kilo te houden. Drie reisspinhengels (licht, medium, zwaar), drie molens, twee doosjes kleinmateriaal en kunstaas, etuitje met bombetta’s en ‘gereedschap’. Ik heb weer genoten van een paar maanden voorpret en vooral deze keer hebben de denkbeeldige trips vooraf veel meer spektakel opgeleverd dan de realiteit. 

Er zijn altijd vele factoren in het spel die vistripjes kunnen verstoren, maar deze hadden we niet bedacht: de haveningang blijkt verzand! Hoe het precies zit, heb ik me niet zo in verdiept, maar in het kort blijkt de havenmeester de regeltjes omtrent het onderhouden van de haven aan z’n laars te hebben gelapt en mag de haveningang nu niet zomaar weer uitbaggeren. Ondertussen kan er geen enkele boot naar buiten omdat er bij de ingang pakweg een halve meter water staat. Westerstormen brengen het zand steeds maar weer naar deze denkfout. 

Goed te zien wat er hier mis is…

In het haventje barst het van de harders, maar daar mag niet worden gevist. Gelukkig mag dit wel vanaf het havenpiertje aan de buitenkant. José heeft als pleister op de wond een ochtendje vissen vanaf een charter vanuit een andere haven geregeld. De grote verwachtingen om iets tonijn-achtigs te vangen kunnen dus meteen de prullenbak in, maar de hengels zijn niet helemaal voor niets meegegaan. (Bovendien, het is vakantie dus zijn er ook nog wat museums (Picasso, Malaga!) te bezoeken. Ook gaan we gewoon lekker in de zon liggen en maken we autotochtjes om wat te zien van de omgeving.)

De locals vissen met strandhengels vanaf het piertje en tijdens het wandelingetje kort na aankomst zien we al een mooie gewone zeebrasem gevangen worden. De pier is gelukkig niet erg hoog, dus ik kan er vissen met de medium spinhengel en 60 tot 80 gram lood. De standaardmontage voor het bodemvissen blijkt ook hier te bestaan uit één lange (tot anderhalve meter) wapperlijn. Als aas zijn de ‘koreaantjes’, een soort kweekzagertjes, favoriet. 

De sessie op de eerste dag in de avonduurtjes vis ik vergeefs op de bodem met stukjes diepvriesgarnaal uit een supermarkt, waar dus geen koelkastje met koreaantjes stond. De volgende twee dagen is er teveel regen en wind om er iets leuks van te maken aan de waterkant.

Barre tijden!

De vistrip met de charterboot vanuit een haven in de buurt staat gepland voor de maandagochtend. De vooruitzichten (weinig wind en volop zon) komen uit en met de hele familie stappen we hoopvol aan boord. De zeeziektepillen kunnen in de tas blijven, want er staat weinig deining. 

Vissen met uitzicht op…

Helaas blijkt de boot niet erg ver de zee op te gaan en vooral het gebied in zicht van de haven te bevissen. De kapitein vaart wat heen en weer over de mosselbank, waar ook veel octopuskooien staan. Nouja, we moeten het er maar mee doen. Deckhand Victor komt uit Sierra Leone en blijkt een leuke kerel om mee te babbelen. De hengels aan boord zijn van bedenkelijke kwaliteit. Petra treft er een met zo weinig lijn op de molen dat de bodem niet kan worden gehaald. Jose heeft er eentje te pakken waarvan halverwege de dag de slinger van het molentje zich van de molen weet te ontdoen. Ik ben in ieder geval blij dat ik met m’n eigen spul kan vissen. 

We vissen met haringlijntjes met kleine haakjes. Niets voor niets zo blijkt, want de eerste visjes die bovenkomen zijn horsmakreeltjes in de maat ‘mooie aasvis’ (tot 20 centimeter). Ook komt er wat gewone makreel, en ook de grootste haalt nog lang niet de (Nederlandse) minimummaat. 

Om wellicht wat anders te vangen, vis ik met een wapperlijn met een stuk garnaal. Er komen aanbeten, maar de haak blijkt te groot. Ik monteer een tweede haaklijn met een kleinere haak aan de nylon voorslag en nu lukt het wel iets aan de haak te krijgen: een horsmakreeltje… Tenslotte hang ik het haringlijntje er ook nog maar bij om de kans wat te spreiden. Zo vang ik ook weer de te kleine makreeltjes, maar weet ook een boga te foppen aan een stukje garnaal. 

Het laatste uurtje ligt de boot boven een stuk bodem met rotsen. Er komt zowaar nog een andere soort boven, een zaagbaarsje. Maar dan zijn de vier uurtjes voorbij en dat was dan het bootvissen voor deze vakantie. 

José blijkt ook een (telescopische) strandhengel te hebben, maar hij heeft nog niet eerder vanaf het piertje gevist. Eind van de dag rijden we naar de Decathlon en hij schaft nog enige spullen aan. Ook staat er de koelkast vol met diverse soorten en maten koreaantjes. Twee uurtjes voor zonsondergang staan we op de pier en Jose is klaar voor z’n eerste vislesje. De montage knopen, de aasnaald gebruiken om het zagertjes netjes op de haak te zetten en het inwerpen, het blijken allemaal ‘eerste keren’ voor hem te zijn. Maar hij is een goede leerling. 

We blijven deze keer niet visloos. Zonder aanbeet te hebben gezien, blijkt er uiteindelijk een zeer dunne aalachtige vis aan de lijn te zitten. Het lijkt geen gewone paling te zijn, maar we denken dat het een jonge murene is die zich heeft vergrepen aan de zager, apart. 

De volgende ochtend bij zonsopgang staan we er weer en nu heb ik zelf ook hengels meegenomen. De ene vist met een loodje op de bodem en de andere krijgt een bombetta-montage. Er zwemmen zeer veel harders aan de buitenkant, zodat ik hoop dat een hoog dwarrelend zagertje er een kan verleiden. Dat gebeurt echter niet, ik zie hele scholen die zonder omkijken langs het dwarrelende koreaantje zwemmen. Het getrek aan het aas blijkt veroorzaakt door kleine zeebrasempjes en ander soort gespuis. Het zagertje wordt een stukje zager aan inmiddels nog kleinere haakje 10. Het eerste visje, een boga van nog geen 15 centimeter, komt nu wel boven, maar ik ruim deze hengel toch maar even op. 

We krijgen buren die met hun strandhengels toch nét even wat verder kunnen gooien en zij vangen een zeebrasem. In ieder geval een goede opkikker voor José, die nu zelf heeft gezien dat er hier toch echt wel wat te vangen is. Wij blijven visloos. Later op de dag vertrekt de familie naar hun woonhuis en Petra en ik blijven nog een paar dagen in het huis. 

Er is nog een doosje koreaantjes over en de volgende ochtend sta ik weer bij zonsopgang op de pier. Deze keer vlak bij de kop met één hengel op de bodem met de wapperlijn en koreaantjes aan haak 4. Met de lichte hengel gooi ik tevergeefs een uurtje met diverse kunstaasjes, lepel, pilker, roofblei-spinnertje, waarna er een bombetta aan deze hengel komt -meteen maar met haakje 8. 

Er zou toch wat rond moeten zwemmen…

Met twee gevangen visjes, waarvan de ene toch wel een juweeltje is als je er goed naar kijkt, ben ik natuurlijk ook deze ochtend weer wat ontevreden.

Tijdens het avondwandelingetje over de pier op onze laatste avond hier zien we twee mannen succesvol met brood op harders vissen, aan de buitenkant van de pier. Tja, dat had dus ook nog gekund…Het blijft vissen…

Groet!
Marc

Advertenties