De harders van Amsterdam 3 juni 2016 De onzichtbare hand…

Posted on 3 juni 2016

6


Vandaag weer eens een heel rustige dag met nauwelijks wind: ik ga weer eens bij de harders kijken, of ze al brood lusten. M’n geepseizoen in IJmuiden komt toch al niet heel erg op gang en ik vrees vandaag weer voor troebel water. Bovendien morgen de laatste IJZZV-wedstrijd van het seizoen. Sta ik ook al weer op de pier…

Aangekomen op stek één val ik met de neus in de boter, er cruisen talrijke harders over de stenen in het ondiepe langs de kant. Rustig aan maak ik een paar meter van de oever het lokvoer: een papje van havermout en witbrood. Er gaat kattevoer en wat ansjovisolie doorheen.

Dan tuig ik de spinhengel op: een vlokdobbertje en een 20/00mm fluorocarbon onderlijntje. Fototoestel klaar, schepnet uitgevouwen: we kunnen beginnen.

Met kleine schepjes gaat het voer te water. De eerste harders komen langs…en reageren niet op het aanbod. Ze lijken nog steeds meer geïnteresseerd in wat er in de algen op de stenen zit.

Na pakweg een uur is er eentje die een broodvlokje pakt…en weer uitspuugt. De hengel kan nog even op de kant blijven. De vissen lijken behoorlijk zenuwachtig; zelfs een aanzwemmende meerkoet die een broodkorstje komt halen, maakt ze flink aan het schrikken.

Ik doe dat stukje vandaag in ieder geval dan wel goed, de vissen blijven tot vlak voor de kant, recht voor me, rondzwemmen. Er zitten echte joekels tussen.

Het constante voeren lijkt de harders inmiddels wel te bevallen, want de pauzes dat ze terugkeren op de stek worden steeds korter, tot ze werkelijk blijven hangen. Ik zie nog niet dat ze werkelijk brood eten, maar…de hengel mag in actie! Er hoeft er maar eentje zo gek te zijn.

Ik ga een mooi uurtje ‘zenvissen’ tegemoet.Het dobbertje drijft steeds tussen enorme harders die het broodvlokje door de kolken van hun vinnen door het water laten wapperen. Regelmatig zwemmen de vissen door de lijn en lijken af en toe wat brood te pakken. En dan maar stil blijven zitten en niets doen…(behalve kleine beetjes blijven voeren. Rustig bewegen en goed mikken om het voer niet op ze te gooien!).

Dan drijft het dobbertje tot tegen de kant, uit m’n zicht. De harders zwemmen lustig rond. Ik laat het even liggen.

Even voor erbij: De geep die ik vorige week op het laatst ‘ving’, gaf me verbazing. Want ik tilde slechts de hengel op om opnieuw in te gooien. Ik had geen beet gemerkt. Ik begin inmiddels bíjna te denken dat ik zo af en toe wat hulp krijg van een onzichtbare hand, die precies bepaalt wanneer ik op een bepaald moment de hengel ga heffen…

Want nu gebeurt dit me toch weer! Bij het voorzichtig – want je wil die vissen niet verschrikken – ophalen voel ik ineens massieve weerstand. “Bam! Dit is een harder! Hopelijk niet valsgehaakt!”, schiet door me heen. De vis spurt weg vanaf de oever zodat snel duidelijk is dat de haak in ieder geval aan ‘de goede kant’ zit.

Na een paar minuten stoeien dirigeer ik de vis in het gereedliggende schepnet. Binnen! Het harderseizoen 2016 is begonnen!

Het haakje blijkt niet in maar boven de bovenlip te zitten. ‘Goed’gehaakt, maar ik denk niet dat het aasje in z’n bek is geweest.

IMG_2250-boven-de-lip

Ik ben altijd slecht geweest in kansberekening, maar iets zegt me dat deze vangst een heel mooi mazzeltje is, onzichtbare hand of niet 😉

IMG_2254-60-centimeters

Groet!

Marc

Advertenties